Heemdagen éclatant succes
Onder het thema:
“Uden, ook in het land van Ravenstein”
zijn op 4 en 5 augustus de 63-ste Brabants Heem-dagen gehouden. Vrijdagavond werden ze in stijl afgesloten.
De heemkundekring Uden heeft deze dagen georganiseerd in nauw overleg met Brabants Heem en in samenwerking met de heemkundekring van Ravenstein.
De heemkundekringen van Tilburg en Goirle schreven in 2009 geschiedenis met een prachtprogramma en met een catering-die-eigenlijk-niet-kon, zo goed. In 2010 verplichtte De Kommanderij van Gemert ons door in de kortst mogelijke tijd twee heemdagen in elkaar te zetten waarvan de inhoud nog steeds in het geheugen hangt. Zo’n prestatie kan alleen met een stevige kring waarin al veel mogelijkheden paraat zijn. Laat nu op 4 en 5 augustus de ontvangende heemkundekring, die van Uden, dat hoge niveau van èn inhoud èn catering combineren en overtreffen. Ongeveer 100 deelnemers en een grote groep deskundigen en begeleiders sloten op vrijdagavond het ‘werkkamp’ van Brabants Heem moe maar uitbundig voldaan af.
Nu zat het de organiserende heemkundekring in alle opzichten mee. Een enthousiaste maar ook enthousiasmerende voorzitter, veel deskundige en gemotiveerde leden die als begeleiders konden optreden, een burgemeester die tevens voorzitter van Brabants Heem is, en (zeer belangrijk) een goed contact met de weergoden. Het weer deed niet wat het aangekondigd had. Het bleef twee dagen droog, matig warm en zelfs overwegend zonnig.
Ook in 1963 was Uden al eens de gastheer geweest om de andere Brabants heemkundekringen te laten genieten van haar unieke kwaliteiten, verworven doordat Uden als een van de hoofdplaatsen in het Land van Ravenstein onder een katholieke Duitse heer niet onder Staats-Brabant viel. Eerder viel het kerspel Uden als leen van Kleef ook al niet onder de hertog. En toch zijn ze daar behoorlijk Bourgondisch.

Na de geestige welkomswoorden en de ceremoniële overdracht van het vaandel van Brabants Heem van Gemert aan Uden, en het plechtig hangen van een schildje 2010 aan de schellenboom, maakten de groepen in een dorpswandeling kennis met de geschiedenis en de huidige staat van Uden. De ontwikkeling van kerspel tot kersendorp, resulteerde in een snel gegroeide dynamische gemeente met een centrumfunktie. Die had het dorp al als hoofdstad van de Heikant (i.t.t. de Maaskant met Ravenstein) en met een eigen schepenbank, maar de stroomversnelling van afgelopen tijd hapert nu door de crisis. Miljoenen zijn al uitgegeven aan panden die gesloopt zouden worden, maar er is even geen geld voor nieuwe winkelcentra. Tijd om ook eens na te denken of groot, hoog en beton wel gelukkig maakt. Zo is het huis waar de schilder Mondriaan een dik jaar woonde in de modernisering verdwenen en rest alleen een herinneringsbordje.
De enclave kreeg meteen na de val van Den Bosch (1629) in 1630 een katholieke heer van Neuburg. Zo werd het gebied in de door het protestantse noorden beheerste Meierij een toevluchtsoord voor katholieke geestelijken, voor het gelovige kerkvolk en voor bedevaartgangers. Hier geen schuurkerken maar overdadige processies. De jezuïeten kwamen naar Ravenstein, de Birgitinessen naar Uden (Maria Refugie = Maria’s toevluchtsoord). Dat duurde tot de Franse revolutie zich uitrolde over Europa. Toen kwam Uden-Ravenstein weer bij (Noord-)Brabant. Soms dromen ze nog weg: Als het minivorstendommetje nu eens net als Liechtenstein een apart landje gebleven was, dan had de Euopese vlag een extra ster en ging het beter met Europa.
Een film uit de vijftiger jaren toonde aan dat ze in Uden ook na de oorlog nog wisten wat processies waren: honderden bruidjes, ontelbare pofbroeken, trossen nonnen en roedels geestelijken en iedere Ujenaar liep mee. Er stond onderdaad geen mens meer langs de kant te kijken.
De Sint Petruskerk uit de 14de eeuw is in de versie van 1850 afgebrand (in 1886) en op flinke afstand verrees de door architect Karl Weber ontworpen huidige koepelkerk, niet ver van het klooster van de Kruisheren. De pastorie kon mee verhuizen, toen de Franciscanessen met 26 zusters de oude pastorie vulden. Bij het kerkhof op de oude plek ligt thans de grote Britse begraafplaats voor de vele omgekomen bevrijders.
Onder de winkels en appartementenflats in het centrum bevinden zich een parkeergarage en een zwembad. Daar is diep gegraven. Unieke kans om aan archeologisch onderzoek te doen. Nee hoor. “Als je wat vindt, ook als het donkere vlekken zijn, gooi je er snel wat zand over”, was de opdracht. Ja, als alles gesaneerd is, dan moeten de bezoekers wel naar Ravenstein in de middag. Maar eerst trakteerde het gastvrije gemeentebestuur de deelnemers nog op een uitstekende lunch in de raadszaal van het huidge (vierde) raadhuis. Alles gaat goed in Uden, behalve in de raadszaal. Het promotiefilmpje wilde zich maar niet laten zien.
De laaste twee raadhuizen ligen aan de Markt, het plein waar vroeger een drinkkuil was. Zo´n hertgang of veedrift werd vroeger wel foutief ´Frankische driehoek´genoemd.
Ja, Ravenstein aan de Maaskant is natuurlijk een waarderijk juweeltje. Genoemd naar heer Walraven van Valkenburg die er een roofburcht neerzette en tol ging heffen op de Maas. Had net de Brabantse hertog alle steden en vrijheden in Brabant vrijheid gegeven van tol op de Maas en andere waterwegen en op alle Brabantse landwegen. Maar het sterke stadje Ravenstein veroveren zat er niet in. Na 1630 onder de katholieke heer bouwden de Jezuïeten er een compacte barokkerk met crypte. Deze Luciakerk is een van de twee Rijnlandse barokkerken in Nederland. De bouw werd gefinancieerd door een loterij. Het winnende lot werd aan de stadspoort getoond, maar als je er niet bij was…… De loterij was een enorm succes. Hoewel in Staats-Brabant meedoen streng verboden was, gokte heel de omgeving mee en feitelijk zonder uitzicht op de uitslag. Er bleef na de bouw nog zoveel geld over van de loterij dat er thans nog een fonds van bestaat. Intussen waren van de winst ook een pastorie, een stadhuis, een Franse School en een Latijnse School gebouwd en kregen de Birgitinessen In Uden er een nieuwe kapel van. De protestanten namen het idee later wel over: de huidige Staatsloterij is er een nakomertje van en werkt op dezelfde manier. Als je je niet meldt, dan is het jammer.
Toen er bij contract een Staats garnizoen in Ravenstein gelegerd werd, kwam er ook een protestantse garnizoenskerk. Dat mooie zaalkerkje is de plaats waar twee jaar terug de Knippenbergprijs (€ 1000 van Brabants Heem) werd uitgereikt aan de hkk De Mierden.

Het hele land van Ravenstein, Maaskant èn Heikant, is zo’n 12 x 20 km klein en het opmerkelijke van Ravenstein zelf was dat niet de mannen er naar de vrouwen toe gingen, maar dat de vrouwtjes naar de mannetjes van het garnizoen toestroomden. Ook in Uden zagen we een huisje van “lieve vrouwkes” (meervoud). Zal het daarom zijn dat de Birgitinessen de “ouw nonnen” heten?
In het leerlooiershuiske kregen de verschillend gekleurde groepen nog uitleg over het leerlooiproces in huipen dat 1,5 jaar kon duren. Hier maakte men hard leer voor zolen.
De terugreis per bus plooide zich door het struweel van het platteland. Geen snelweg en dan zien we ook weer eens gerst. Dat deed denken aan mout en dat weer aan bier.
In de avond tijdens een overdadig diner vergasten de gastheren de deelnemers op bijzondere verhalen in het Ujens dialect, op muziek en liederen. Waar zie je dat alle leden van een heemkundekring een geoefend koor vormen? Tussendoor probeerde men de promotiefilm van de gemeente Uden te draaien, waaravn de presentatie tijdens de lunch ook al mislukt was. Daarentegen liep de 20 minuten-film over de processies van het rijke roomse leven als een kieviet. Zo fris liepen ook de processiegangers. De steuncommissie van Brabants Heem, van wie de enige taak bestaat uit het kussen van iedereen die 10, 20 of 30 jaar deelneemt, reikte voor die jubilarissen medailles en oorkonden uit. Met doodsverachting ondergingen ze de eerbewijzen.
(zie voor het vervolg, onder: Bram van Brabant)
Zie ook de website www.heemkundekringuden.nl






