Opening en sluiting heemdagen
Toespraak van de voorzitter van Brabants Heem, Henk Hellegers
Namens het bestuur van Brabants Heem heet ik jullie allen van harte welkom bij hkk De Kommanderij Gemert en hkk de Rips in oprichting. Van harte welkom hier in in de gemeente Gemert-Bakel, die in alle opzichten een heemkundige gemeente is, want naast Gemert en de Rips hebben ook Bakel en Milheeze een eigen heemkundekring. Het belooft hier dus op voorhand twee dagen vol historie te worden. Het is voerigens niet de eerste keer dat de heemkundigen in Gemert zijn, want in 1973 organiseerde de Kommanderij de 25ste heemdagen.
Ik ben blij dat jullie met zo velen vandaag hier zijn. Niet minder dan 92 leden van heemkundekringen zijn vandaag en morgen in Gemert, Handel, de Mortel, Elzendorp en de Rips om er twee leuke en interessante dagen van te maken.
Er is een leuk en interessant programma opgezet, waarin de historie via fietstochten, bezoek aan musea en lezingen een belangrijke rol speelt. En een andere rol vervult natuurlijk de Brabantse gezelligheid van heemkundigen onder elkaar.
Maar zonder de Kommanderij Gemert zouden er vandaag geen heemdagen zijn. Eerdere toezeggingen werden ingetrokken op het moment dat de uitnodigingsbrieven al verstuurd hadden moeten zijn. En dat is jammer. Maar toen kwamen Gemert en de Rips met het aanbod de heemdagen alsnog te willen organiseren. Dank daarvoor en het motto van de 62e heemdagen is hierop toepasselijk: Gemert, nog steeds apart!
En, dames en heren, Gemert was ook vroeger heemkundig apart en bijzonder. Want de Kommanderij Gemert behoorde tot de eerste heemkundekringen van onze provincie. In een tijd dat er nog geen Brabants Heem was, men sprak nog over het Hoofdbestuur van de Brabantsche Bond, ontstonden 14 heemkundekringen in onze provincie, waaronder Gemert. Ik heb veel waardering voor de wijze waarop de Kommanderij Gemert met zijn tijd meegaat. Want jullie hebben een voortreffelijke website, waarop veel informatie terug te vinden. En in een apart item zelfs de historie van de Kommanderij. Want in de roerige oorlogsjaren, in juli 1941, verscheen onder het motto “So goet is Got”heer eerste nummer Gemerts Heem van de pas opgerichte Heemkundekring De Kommanderij Gemert. Een nummer, dat begon met de volgende tekst:
Hooggeachte Leden,
Nu en dan wordt door een of ander de vraag gesteld: “Hoe staat het met onzen
Heemkundekring? We hooren er niets meer van…”
Maar dat vond het bestuur niet helemaal terecht, want de kring had immers al 113 leden, al stond in het eerste nummer wel de volgende passage: SOMMIGE LEDEN HEBBEN DE CONTRIBUTIE NOG NIET BETAALD.
De Penningmeester vond nog geen tijd om hen te bezoeken. Men kan hem een genoegen
doen door de CONTRIBUTIE TE KOMEN AFDRAGEN!
En er waren al verschillende activiteiten geweest. Waar hield men zich in 1941 in Gemert zoal mee bezig? Er was een zomerfotowedstrijd met voor de historie karakteristieke plekjes in Gemert als object, waarvoor een eerste prijs uitgeloofd werd van vijf gulden. Er waren twee zomerexcursies, er was een winterprogramma waarin de leden Gemertse uitdrukkingen en gezegden gingen verzamelen.
Van de activiteiten werd een mooi beeld gegeven: het behoud van het Mariakastje aan de Boekelschen Weg en de opbouw van het St. Annakastje aan de Molenstraat. En dat was belangrijk want: “een kwestie van historische aansluiting bij het verleden en van behoud van het godsdienstig karakter, dat eigen is aan het Gemertsch dorpsbeeld en den Gemertschen mensch ! –
En dat laatste speelde wel erg prominent een rol, want even verderop treffen we het volgende citaat aan:
“Waar zich bij de beoefening der heemkunde een uitgesproken niet-christelijke tendenz maar veeleer een voorkeur voor het oude heidendom manifesteert, moeten wij op onze hoede zijn. Ook de heemkunde moet onze christelijke cultuur dienen.
Dames en heren, het was een geschiedenis van vallen en opstaan, want met de oorlog verdween de heemkundekring en pas in 1958 verscheen het tweede nummer van de in 1956 heropgerichte kring, waarin overigens, alsof de tijd stilgestaan heeft, al de nood geklaagd werd over het gebrek aan vrijwilligers om activiteiten te ontwikkelen. Was het misschien om die reden, dat het derde nummer pas in 1961 verscheen? Een interessant nummer, want het voornaamste discussiepunt was of carnaval nou wel of niet bij de heemkunde paste. Er had zich een bestuur gevormd met de burgemeester als ere-voorzitter om het carnaval te organiseren. De vraag was: is dit een volksgebruik en is het de aandacht van de heemkunde waard? Met dank aan een uiteenzetting van Mandos op de Volkskundedag 1960 was het antwoord uiteindelijk positief! En zo stond de Kommanderij Gemert aan de wieg van het Gemerts carnaval!
Dames en heren, Gemert was en is apart.
- Gemert had tot de Franse Tijd een status aparte. Het “Rijk van Gemert” viel niet onder de Generaliteitslanden maar ressorteerde als “De Vrije Souvereine Heerlijckheyd Gemert” onder de Duitse Orde en hoorde dus tot het Romeinse Duitse keizerrijk. In het soevereine Vrijstaatje Gemert heerste na een akkoord uit 1662 met Den Haag godsdienstvrijheid voor katholieken én gereformeerden. De katholieke commandeur van Gemert kreeg zelfs het recht de gereformeerde dominee te benoemen. Dat was nog eens apart.
- Gemert had een Latijnse school, en was toch geen stad en had geen kapittelkerk, Dat is ook apart en eigengereid..
- Het gemeentearchief van Gemert-Bakel is als enigste in Brabant niet opgegaan in een Regionaal Historisch Centrum. Dat kon alleen dank zij een cultuurgevoelig gemeentebestuur en een contract tussen heemkundekring en gemeentearchief. Een groot aantal vrijwilligers uit de heemkundekring maakt dit nu en in de toekomst mogelijk: uniek. Uniek en apart.
- De belangenbehartiging van cultuurhistorie in reconstructiegebied Peelland is, itt tot andere gebieden, prima gewaarborgd dankzij de inzet van de heemkunde in Gemert .
In de aandacht voor cultuurhistorie en landschap, en het creëren van draagvlak is Gemert gewoon apart.
Dames en heren, u bent vandaag van harte welkom in Gemert, misschien nog meer dan de toenmalige commissaris van de Koningin Van Voorst tot Voorst, want die schreef in 1897 over zijn werkbezoek aan de gemeente: “Er hingen enkele vlaggen; veel was er verder niet gedaan om mij feestelijk te ontvangen”.
Neen, dan was het in 1929 heel anders met de komst van de nieuwe burgemeester Jan Phaff, want die werd aan de gemeentegrens met Beek en Donk ontvangen door de harmonie om daarna in processie begeleid te worden naar het gemeentehuis.
Dames en heren, genoeg over vroeger. U zult er vandaag en morgen nog genoeg over horen, en daar wens ik u veel plezier bij. En dat de tijd niet stil heeft gestaan wordt wel bewezen door het feit dat de Kommanderij Gemert nu 760 leden telt. En daarmee behoort u tot de grote binnen Brabants Heem.
Ik sluit af met een passage uit “DE VOLKSKRANT” van 13 Juni 1941:
“Heemkunde is een prachtig vak voor kleinen en grooten; voor de grooten omdat ze daardoor een helderder besef krijgen van wat hun streek en land waard zijn: voor de kleinen, omdat die daardoor in de ware nationale sfeer worden gebracht”.
Dames en heren, namens het bestuur wens ik fijne dagen toe en ik hoop morgenavond, bij de afsluiting, de enthousiaste verhalen te vernemen over de 62e heemdagen, die ik hierbij voor geopend verklaar.
Afsluiting Heemdagen 2010 door de voorzitter van Brabants Heem, Henk Hellegers
Dames en heren, ik sloot gisteren mijn toespraak af met het volgende citaat uit “DE VOLKSKRANT” van 13 Juni 1941.
“Heemkunde is een prachtig vak voor kleinen en grooten; voor de grooten omdat ze daardoor een helderder besef krijgen van wat hun streek en land waard zijn: voor de kleinen, omdat die daardoor in de ware nationale sfeer worden gebracht”.
Hoe verhoudt zich dat nu, bijna 70 jaar later, tot de twee Heemdagen, die vandaag afgesloten worden?
U zult na beide dagen kunnen beamen dat heemkunde een prachtig vak is; u behoort tot de velen, die zich met de eigen geschiedenis van uw dorp, stad of streek bezig houden, u behoort tot de velen, die heemkunde een prachtig vak vinden en daar plezier aan beleven. En plezier hebt u gisteren en vandaag in Gemert, Handel en de Rips beleefd.
Twee aparte dagen, onder het motto “Gemert nog steeds apart”. En uit verschillende reacties heb ik begrepen dat u ook aparte dagen hebt beleefd.
Het tweede klopt ook. Dankzij de heemdagen hebben jullie vast en zeker een beter besef gekregen van wat Gemert en omstreken te bieden heeft.
En dan het derde; bent u in nationale sfeer gebracht? Nou volgens mij heeft het WK voetbal daar meer aan bijgedragen dan heemdagen, maar dan hebben we het ook echt over toen, een periode waarover heemkundigen ook graag schrijven, omdat het een donkere episode in onze historie was, waarin nationalisme en trots onderdrukt, maar tegelijk in het geheim gemanifesteerd werden. En heeft heemkunde te maken met een onderscheid tussen de groten en de kleinen? Gelukkig niet, hooguit tussen grote en kleine heemkundekringen, waarbij ik de Kommanderij Gemert tot de grote mag rekenen. Maar onveranderd is dat we jongeren moeten blijven interesseren, en dat er sterke behoefte is aan vrijwilligers, aan kader, aan bestuursleden voor de kringen.
Dames en heren, ook deze heemdagen tonen weer aan dat actief zijn in een heemkundekring niet alleen betekent dat heemkundigen zich op historisch gebied verdienstelijk maken, maar ook deel uitmaken van een groeiend sociaal netwerk. Dat bewijzen deze heemdagen maar eens weer, en dat bewijzen ook de vele activiteiten die heemkundekringen in onze provincie ontplooien. Ik hoop dus ook dat u dankzij de contacten weer nieuwe ideeën mee naar huis neemt waarmee u anderen in uw kring enthousiast kunt maken.
Bedanken: Heemkundekring de Kommanderij Gemert en heemkundekring Rips i.o. Onze eigen commissie van Brabants Heem, de commissie Heemdagen
Waardering voor de organisatie, het vrijwilligerswerk, de inzet van de leden is op zijn plaats. In korte tijd hebben jullie een mooi programma in elkaar gezet en ontzettend veel georganiseerd.
Geeft u deze mensen een warm applaus.
Dadelijk nog enkele ceremoniële plichtplegingen, waaronder de uitreiking van de Bram van Brabant. Maar voordat ik dat doe, wil ik afsluiten met de wens jullie ook volgend jaar weer te mogen ontmoeten op de 63e heemdagen.
Bij de afsluiting vorig jaar was nog niet bekend waar de heemdagen 2010 georganiseerd zouden worden. Er waren enkele toezeggingen, enkele kringen waren voorzichtig bezig om iets op touw te zetten. Maar zoals ik gisteren al zei: de een na de ander haakte af en gelukkig waren Gemert en de Rips bereid alsnog de uitdaging aan te gaan. We hebben daar als Brabants Heem ook weer van geleerd. Want vorig jaar werd ook de suggestie gedaan om langer dan een jaar vooruit te kijken en heemkundekringen de tijd te geven iets goeds te organiseren en tegelijk mee te kijken in de keuken van de organiserende heemkundekring, om daarmee de expertise op te doen voor het eigen evenement. En ik mag jullie dus nu al meedelen dat de organisatie van de heemdagen voor 2011 en 2012 inmiddels gegarandeerd is.
Dames en heren, het motto van deze heemdagen was: Gemert, nog steeds apart! En dat motto betrek ik ook maar even op mezelf, omdat ik mij in uw gezelschap ook even apart vind als Gemert. Ik ben niet zomaar voorzitter van Brabants Heem, maar in mij hebt u een voorzitter, die zelf ook actief is als heemkundige met het doen van historisch onderzoek en het schrijven van artikelen en boeken. Een gemeente als Uden, die een heel actieve heemkundekring heeft en waarvan de burgemeester voorzitter is van Brabants Heem, wil daar natuurlijk ook voor uit komen en ik ben blij dat al kort na de heemdagen van 2009 de heemkundekring Uden de uitdaging aangenomen heeft om de heemdagen van 2011 te organiseren. Ik hoop u dus volgend jaar in mijn dubbelfunctie van harte welkom te mogen heten bij de heemdagen in Uden.
